Onze moderne wereld wordt steeds sneller. De snelheid van communicatie tussen alle uithoeken der wereld wordt per dag opgevoerd. Men zegt weleens: ‘dat scheelt enorm veel tijd’. Maar de vraag is: wat doe je dan met die overgebleven tijd? Opnieuw communiceren? Het verkennen van alles wat verkend moet worden? De snelheid lijkt te leiden tot vervlakking van het menselijk bewustzijn, alsof zij de Zijnsgrond niet meer raken kan, het intellect scherpt zich meer en meer en de diepere zins- en levensvragen worden niet meer aangeroerd. ‘De tijd van de gnostiek, zoals die eens leefde, lijkt voorbijgegaan te zijn. Evenals met het Christendom gebeurde, heeft men de gnostiek vastgelegd in geschriften en dogma’s en neemt men nog slechts nota van haar uiterlijke kleed. Doch nu is de tijd van het demasqué aangebroken, een tijd van onthullingen uit stenen en geschriften, een tijd van ontmanteling en onderzoek. Daardoor zal de gnosis wederkeren in de herinnering der mensen. Niet als een dogmatische sekte, noch als een op schrift gestelde leer, maar als een flambouw, als een fakkel die gedragen wordt door enkelen, enkele Lichtzonen, die streng zijn tegenover zichzelf en liefdevol en verdraagzaam tegenover anderen’ (10). In onze tijd werden mensen geboeid door de gnosis der Katharen. Na de 13e eeuw waren deze praktisch uitgeroeid, doch in de 20e eeuw zeiden serieuze zoekers dat de Katharen opnieuw herboren waren: in hen. Maar net zoals de oude Christelijke kerk haar navolging van Christus aanvankelijk in praktijk bracht door soberheid, bescheidenheid en eenvoud en later verzwolg in haar onmetelijke materiële rijkdommen, zo gaat het thans ook met de ‘herboren Katharen’: hun rijkdommen nemen toe, hun soberheid heeft plaats gemaakt voor overvloed, en men rechtvaardigt dit alles door het etiket ‘modern’ en houdt stevig de greep op het geheel door voorschriften en voorwaarden. Maar goed, ieder zoeke het zijne; ieder zal aangetrokken worden door het magnetisch krachtveld wat bij hem hoort.

Wij wensen ú toe dat u het krachtveld passen zal dat u werkelijk vrijmaakt. Zodat u met Hermes mag zingen: Ik ga tot Leven en Licht! Gezegend zijt Gij, O Vader!

Moge Vrede Met U Zijn.